woensdag, 24 februari 2016

Lestip Sing along songs

Speciaal voor groep 3-4 hebben we acht sing along songs ontwikkeld: Engelse liedjes om mee te zingen. Vier liedjes gaan over de seizoenen, vier liedjes zijn klassiekers zoals Head, shoulders, knees and toes. Je kunt de liedjes los inzetten in de klas op een moment dat het jou uitkomt, maar ze zijn ook onderdeel van de leerlijn: de liedjes komen geïntegreerd in het thema aan bod in de leerlijn van week 1 t/m 4. Bij het proefthema ‘Animals in the jungle’ hoort bijvoorbeeld de song Hickory dickory dock. Bij elk liedje hoort een clip die de kinderen helpt om te begrijpen waar het over gaat en wat de woorden en zinnen betekenen.

We hebben een aantal lestips voor je verzameld hoe je de songs tussendoor kunt inzetten en hoe je tijdens de les de songs nog uitgebreider aan bod kan laten komen.

Show the words

Noem vijf woorden uit de song en laat hierbij ook de plaatjes zien. Bedenk bij ieder woord een beweging, laat de leerlingen hierover meedenken. Oefen dit een paar keer. De leerlingen luisteren nu naar het liedje en doen de bewegingen zodra ze de woorden horen. Herhaal het liedje met bewegingen nog een keer.

Fast or slow

Zing het liedje ook eens zonder het digibord en vraag de leerlingen ‘Do you want to sing fast or slowly?’ Herhaal het een paar keer en ga ‘faster’ tot dat het niet sneller kan. Je kunt ook nog hetzelfde doen voor ‘loud’ en ‘soft’.

4 pictures

Laat vier plaatjes zien (drie uit de song en één die er niet bij past) en zeg de woorden voordat je de song start. Zet de plaatjes zo neer dat de leerlingen de plaatjes goed kunnen zien. Zeg: ‘Which word is not in the song?’ De leerlingen luisteren naar de song en kunnen aangegeven welk woord niet in het liedje voorkomt. Herhaal het liedje nog een keer en laat de kinderen klappen/springen/stampen als ze de drie woorden in het liedje horen.

True or false (thumbs up – thumbs down)

Voordat je de song start zeg je bv. ‘This song is about summer.’ Je laat vervolgens de song ‘Autumn’ horen. Terwijl de leerlingen naar de song luisteren doen ze hun duimen omhoog of omlaag zodra ze weten of het klopt of niet. Geef een tweede stelling en laat de kinderen nog een keer naar de song luisteren terwijl ze thumbs up – thumbs down kunnen laten zien.

Reacties op dit bericht